Luna

undefinedLuna is de maan die licht brengt in het duister. Haar witte gezicht schijnt op wat verborgen is. Ze is de gids in de nacht, voor de eenzame reizigers en ook voor de zielen van de doden, op weg naar hun laatste bestemming.

Wereldvisie

Luna’s licht is koud, ze is kil en afstandelijk. Haar taak is het duister te verdrijven, en meer niet. Waar reizigers en zielen naartoe gaan, is haar om het even, zolang ze zien wat hun pad is. Compassie kan ze zich niet veroorloven, want het duister kruipt altijd dichterbij. Met afstand kan ze overzicht houden, en de grootste hoeveelheid licht brengen. Luna verlicht het gat in de weg, maar de reiziger moet zelf op zijn benen blijven staan. Als hij valt kan hij alleen zichzelf overeind helpen. Op dezelfde manier helpt ze de ziel opweg naar zijn eindbestemming. Alleen als hij zijn pad ziet, komt hij waar hij hoort. Alleen als hij sterk is, zal hij zijn bestemming halen.  

Door haar onverschilligheid is het niet verbazingwekkend dat maar weinigen Luna kennen als moedergodin. Toch bidden er vrouwen naar haar voor sterke kinderen. Er zijn ook veel vroedvrouwen die haar volgen. Zij zorgen voor de moeders en zuigelingen, levend of dood. Het is namelijk ook Luna die de zielen van de kinderen de weg naar hun nieuwe lichaam toont. 

Luna ziet warmte en liefde als overbodig, maar een grotere hekel heeft ze aan leugens en geheimen. Dat zijn de dingen die zielen van hun pad af halen, die het reizen onmogelijk maken. Luna ontmaskert dieven en rovers, en de necromancers die zielen stelen. Ze toont hun gezichten aan de andere Goden, zodat deze hun bezit kunnen verdedigen. Haar volgelingen maken hun daden bekend, maar laten het straffen aan anderen.

Een volgeling van Luna is iets bijzonders. Die volgeling is een licht in de duisternis en moet volledig gewijd zijn aan die taak uitvoeren voor Luna. Zij schenkt haar kracht enkel aan degenen die toegewijd genoeg zijn, om zich volledig in dienst te stellen van haar zaak. Alles in het leven van haar volgelingen wijkt om haar wil te dienen. Eenzaamheid is het lot van hen die de maan volgen.

Wetten en regels

  • Onthul geheimen en verdrijf het duisternis, alleen zo komt iedere ziel op de juiste plek.
  • Het duister kruipt waar jij niet bent, dus verspil geen tijd met vriendschap of andere dingen die je op één plek vasthouden. 
  • Help de reizigers door de gevaren te onthullen. Het is niet aan jou het doel van de reiziger te bepalen, noch te zorgen dat hij het haalt. 

Uiterlijk en sfeer

De volgelingen van Luna zijn divers. Ze zijn vooral te herkennen aan hun persoonlijkheid: ongebonden door familie of vrienden, reizend van de ene naar de andere plek en volledig toegewijd aan hun heilige taak. 

Gebruikte symbolen:
  • Een Maan
  • Een Lamp
  • Een wit pad tussen zwarte bergen

Volgelingen

De zeldzame priesters van Luna verspreiden haar licht in de duisternis. De gevaarlijkste wegen zijn gehuld in duisternis, en dat is waar ze gaan, altijd toegewijd aan hun heilige taak. De gidsen en landlopers, die de kronkel paadjes onderhouden. De vroedvrouwen en genezers, die van dorp naar dorp gaan. De wachters en rechters, vastberaden samenzweringen te onthullen. Allen zouden hun vastberadenheid uit devotie aan Luna kunnen hebben.

Een volgeling van Luna is op een bepaald punt in zijn leven iemand tegen gekomen die een goede dienaar voor de maan in hem zag. Op zijn beurt zal hij ook weer anderen zien die haar dienen in hun acties, en hen vertellen over haar weg en kracht. Er is echter te veel duisternis in de wereld om lang op een plek te blijven, dus priesters van Luna zullen dat zelden doen.  

Anderen over Luna

“De godin wiens volgelingen haar naam het minste noemen. 
Stilte en afwezigheid tekenen haar aanwezigheid”
Nonus, meester van Raven

“De maangodin ziet zo velen moord en marteling, maar doet niets. Ze is of gewetenloos of te zwak om te handelen.”
Boudewynus, paladijn van Lillith

“Wie is ze eigenlijk?”
Wakende Bizon, Sjamaan van Bobo

Kenmerkende parabel

Ze sloeg haar armen om het kleine lichaampje. “Niet huilen nu!” Ze zei het meer tegen zichzelf dan tegen het meisje. Ze reikte haar het bundeltje aan, en wendde zich tot de moeder. De vrouw lag in bed, bleek als een laken, haar voorhoofd nat van het zweed. Het werk was nog niet klaar. Het werk was nooit klaar.
 
De heldere stem van het meisje weerklonk door de koele nacht. Ze zong een eeuwenoud lied, duizenden malen doorgegeven. Nog steeds was het treurig, troostend, krachtig.
 
Ze trok het laken over het hoofd van de vrouw in bed. Straks lag haar lichaam in de grond en zou ze bidden om de ziel het licht van de Maan te tonen. “Ik heb alles gedaan wat ik kon, en zal alles doen wat ik kan. Uiteindelijk is het aan haar. Ik kan niet voor haar baren en ook niet voor haar reizen.” De vrouw had niet de kracht gehad voor het eerste, zou ze wel de kracht hebben voor het tweede?
 
Buiten hoorde ze de zuigeling huilen. De vrouw was alleen geweest. Het meisje zou de buren vragen het kind in huis te nemen. Anders zouden ze het meenemen naar de volgende moeder, en als die ook zou weigeren…
 
“Familie, dorp, vreemdeling, verder kunnen wij het kind niet dragen. Wil je zelf voor het kind zorgen? Goed, maar de Godin zal haar giften niet meer aan je geven.” Ze hoorde het zichzelf al zeggen. Het meisje zou zeker huilen, zoals zij dat ook had gedaan, vroeger. Ze zou smeken, wetend dat het geen verschil zou maken. Het was een test, een test van de Godin, elke keer weer. Ze had hem al vaak gekregen, maar makkelijk werd het nooit. 

Bijzonderheden

Je kunt als nieuw karakter niet beginnen als volgeling van Luna. Als je volgeling wil worden, zul je in het spel je aan haar moeten bewijzen. Ze schenkt haar kracht alleen aan de meest toegewijde.